Ontmanteling Hanzehof: 'Buitensociëteit zonder de schouwburg zeer lastig'

07-11-2015 Nieuws Redactie

ZUTPHEN – De gemeente Zutphen ziet niets in het plan miljoenen te investeren in de Hanzehof. Dat is de reactie van het Zutphense college van B en W als reactie op het plan van de Hanzehof.
In het plan waren drie scenario’s beschreven over de huisvesting. Het ging daarbij om een instandhoudingsscenario, een upgrade scenario en het noodscenario.

De eerste twee zouden miljoenen kosten, het noodscenario niet. Mirjam van Tiel, directeur van de Hanzehof, gaf eerder wel de nadelen van het noodscenario aan: “We kunnen er vijf jaar mee vooruit. Maar we blijven dan wel zitten met achterstallig onderhoud. Dan moet over vijf jaar weer een besluit worden getroffen.”

Wethouder Annelies de Jonge zegt in De Stentor dat de andere oplossingen het niet zijn: “Die vragen om miljoeneninvesteringen, terwijl op de cultuurbegroting juist nog moet worden bezuinigd. Financieel onhaalbaar dus. Het noodscenario? Ja, dat zou misschien kunnen.”
Op dit moment heeft de Hanzehof nog een tekort in de begroting. Door maatregelen te nemen hoopt de Hanzehof per 1 juli 2017 een sluitende begroting te hebben. Het afgelopen seizoen (2014-2015) zou een budget tekort kennen van 185.000 euro, maar door besparingen is dit tekort teruggebracht naar 127.000 euro.

Ontmanteling
Het college kijkt verder dan de door de Hanzehof voorgestelde scenario’s. Zij bekijken ook een eventuele ontmanteling van de Hanzehof als theater en congrescentrum. De Buitensociëteit (19de eeuwse concertzaal) zou wel blijven bestaan. Ook dit zou geld kosten, maar de structurele lasten zullen met enkele tonnen zakken.

Volgens Van Tiel kan dit lastig worden: “Het college geeft aan het scenario te willen onderzoeken waarin alleen de Buitensociëteit blijft bestaan. Ons inziens zal het bij dit scenario - het laten bestaan van de Buitensociëteit zonder de schouwburg - zeer lastig worden om de exploitatie sluitend te krijgen. De Buitensociëteit is een concertzaal en muziekconcerten kosten vooral geld.”

“Lokale initiatieven, die daar bij uitstek mooi passen, dekken met hun financiële inbreng vaak alleen de directe kosten. Als theater verdienen wij juist op kaartverkoop van populaire namen, horeca bij goedlopende voorstellingen en door onze congresfunctie, waarbij we aantrekkelijk zijn doordat we het hele complex kunnen aanbieden: theaterzaal, sub-zalen en Buitensociëteit.”



Gerelateerd